Rinda den Besten: Belasting Tegen samenWerken (BTW)?

Een pedagogisch medewerker van een kinderopvangorganisatie werkt na schooltijd in de buitenschoolse opvang en wordt op andere momenten ingezet in de klas. De school in kwestie geeft op die manier invulling aan het experiment ‘flexibele onderwijstijd’ van het ministerie van Onderwijs. Met de constructie probeert ze samenwerking tussen kinderopvang en school goed te organiseren en de leerlingen een zo optimaal mogelijke doorgaande lijn te bieden.

Maar hoewel zowel de kinderopvangorganisatie als de school btw-vrijgestelde instellingen zijn en voor hun personeel geen btw hoeven af te dragen, gaat dat niet op voor de school in het voorbeeld. Zodra kinderopvang en school (of twee scholen) op zo’n manier samenwerken, komen namelijk andere regels om de hoek kijken. In de ogen van de Belastingdienst wordt niet samengewerkt, maar wordt personeel uitgeleend. De school moet daardoor voor de werknemer alsnog 21 procent btw betalen en wordt zo geconfronteerd met veel hogere kosten.

Samenwerken

Het is op zijn minst krom dat een school op die manier opeens een vijfde meer aan geld kwijt is voor haar medewerkers. Wat mij betreft maken we zo snel mogelijk een einde aan die situatie. Al is het maar omdat de regels ontmoedigend zijn voor scholen en hun besturen die manieren zoeken om samen te werken. En laat dat samenwerken nou iets zijn dat we allemaal meer willen en moeten doen om bijvoorbeeld krimp creatief aan te pakken, van passend onderwijs een succes te maken of meer Integrale Kind Centra op te zetten. De wetgeving sluit, kortom, niet goed aan op de ontwikkelingen in het onderwijs en de kinderopvang.

Zouden we de inzet van pedagogisch medewerkers in zowel opvang als onderwijs niet juist moeten stimuleren? Ik vind van wel. Het komt de leerling ten goede wanneer de aanpak van de ‘juffrouw’ op de kinderopvang en de ‘juffrouw’ in de klas hetzelfde zijn. Beide ‘sectoren’ worden zo beter op elkaar afgestemd en het kind profiteert van die doorgaande lijn.

Natuurlijk, btw is er niets voor niets. We hebben ooit met elkaar afgesproken dat deze belasting bestaat. Maar we hebben ook niet voor niets afgesproken dat zorg en onderwijs ervan zijn vrijgesteld. Worden scholen nu geconfronteerd met hogere belastingen, dan gaat dat altijd ten koste van geld dat nu aan onderwijs, aan leerlingen, wordt besteed.

Gat

Er is wat mij betreft ook geen goede reden om aan de regel vast te houden. Het onderwijs helemaal vrijwaren van btw levert nu nog geen financieel probleem op. Het veroorzaakt geen gat in de Rijksbegroting. Op dit moment zijn er namelijk nog maar weinig scholen die met de btw worden geconfronteerd. Deze belasting is daarom amper een inkomstenbron voor de overheid. Dat betekent dat we nu nog niet op zoek hoeven naar manieren om een financieel gat te dichten als de regels worden aangepast.

Ik wil de politiek dan ook oproepen nu in actie te komen en zo te voorkomen dat dit op den duur wel een probleem oplevert. Laten we voorkomen dat scholen en kinderopvang in de nabije toekomst moeten kiezen tussen twee kwaden: niet of in mindere mate samenwerken omdat dat te duur wordt,  of wel samenwerken, de btw op de koop toenemen en elders op de klassen bezuinigen. Wie om leerlingen geeft, laat dat niet gebeuren.

Rinda den Besten