Rinda den Besten: Bouwen aan de relatie

Terwijl elders in het land vier mensen een nieuw akkoord proberen te smeden, blikken wij nog eens terug op onze eigen ‘cao-coalitie’. Bemiddelaar Hans Borstlap sprak na afloop van de laatste cao-onderhandelingen niet alleen zijn twijfel uit of dit dichtgetimmerde resultaat zijn werk als flankerend instrument voor de bedrijfsvoering zou kunnen doen, hij zei óók: ‘PO-Raad en vakbonden, jullie moeten echt gaan werken aan jullie relatie.’

Dus dat deden we. We begonnen op ‘veilig terrein’ en vonden elkaar in de aanloop naar de verkiezingen op thema’s als werkdruk, salaris en lerarentekort. Met als recent hoogtepunt een gezamenlijk manifest met de initiatiefnemers van ‘PO in Actie’. Wat een signaal: in een paar weken tijd meer dan 30.000 leden op Facebook. En terecht!

We moeten oppassen dat het etaleren van de povere arbeidsomstandigheden niet nóg meer mensen tegenhoudt om te kiezen voor een carrière in het onderwijs

De bonden en de PO-Raad zijn het roerend eens dat de salarissen omhoog moeten om het lerarentekort het hoofd te kunnen bieden. Zo kunnen we zorgen voor kleinere klassen en verlichting van de werkdruk. In het primair onderwijs wordt vaak gezegd dat het niet gaat om geld, want voor de klas staan is een roeping. Dat is fantastisch en ontroerend, maar het smoort elke discussie. Tegelijkertijd moeten we ook oppassen dat het etaleren van de povere arbeidsomstandigheden niet nóg meer mensen tegenhoudt om te kiezen voor het onderwijs, zo waarschuwde één van onze leden mij afgelopen week op een regiobijeenkomst.

Iets anders dat onze leden nog altijd dwars zit, is de Wwz. Onze lobby heeft weliswaar geleid tot een tijdelijke uitzondering op het ketenbeding uit de Wwz, een echte oplossing is er nog niet. Gedurende de griepgolf mochten scholen onbeperkt vervangers aan het werk stellen, zonder dat die vervangers recht kregen op een vast contract. Daar kwamen onze leden de winter wel mee door, in de hoop dat de Wwz voor het primair onderwijs bij een komend Regeerakkoord alsnog van tafel wordt geveegd.

Als je blijft doen wat je altijd deed, dan houd je wat je altijd al had. Ik merk ook bij de bonden de sfeer dat we daar geen genoegen meer mee willen nemen.

Tegelijkertijd begrijp ik ook dat de bonden veel waarde hechten aan de Wwz. Die is immers een uitvloeisel van het Sociaal Akkoord dat zij hadden gesloten met minister Asscher en beschermt werknemers tegen onzekerheid. Wij zeggen: de wet schiet zijn doel voorbij, want onze sector hééft al het hoogste percentage vaste contracten, maar liefst 94%. Een flexibele buitenste schil is nodig voor ongeplande vervangingen. Bovendien is er nú al een tekort aan vervangers, horen wij van onze leden.

Om het primair onderwijs aantrekkelijk te houden als werkgever, trekken we graag met de vakbonden op. We doen dat op de onderwerpen waar we het over eens zijn. Maar we gaan ook opnieuw met elkaar in gesprek over de ‘moeilijke’ onderwerpen. Ik ben me er zeer van bewust dat het deze keer anders moet. Het gezegde zegt immers: als je blijft doen wat je altijd deed, dan houd je wat je altijd al had. Ik merk ook bij de bonden de sfeer dat we daar geen genoegen meer mee willen nemen. We willen verder en we kunnen verder. Welke richting dat precies wordt, is nog niet te zeggen, maar ik heb er vertrouwen in dat we met elkaar stappen kunnen zetten.

We beginnen met lessen te trekken uit het verleden. We hebben een extern adviesbureau gevraagd om onderzoek te doen naar de afspraken uit de vorige cao’s. Ik hoor dat sommige leden dit onderzoek ervaren als een verantwoording. Dat is zeker niet onze bedoeling! We willen vooral kijken naar de effecten op de werkvloer en daar van leren: Wat betekenen die effecten voor nieuwe afspraken in een nieuwe cao? Uiteraard zullen we de bevindingen van het adviesbureau delen met onze leden via mijn.poraad.nl.

Tot slot: laten we niet vergeten waar die ‘o’ in cao ook weer voor stond. Er zitten verschillen in inzicht tussen de bonden en de PO-Raad, maar uiteindelijk hebben we als ‘coalitiepartners’ volgens mij meer met elkaar gemeen dan dat we verschillen. Goede afspraken zijn belangrijk, met name als de omstandigheden zwaar zijn. En zéker als er kinderen in het spel zijn.