Rinda den Besten: Feng shui

Als er één land op aarde is dat het effect van onderwijs heeft aangetoond, is het Singapore. Na haar onafhankelijkheid in 1963 ontwikkelde het armoedige schiereiland zich in vijftig jaar tijd tot één van de meest welvarende landen ter wereld. Vorige week was ik er, op uitnodiging van staatssecretaris Sander Dekker te gast, samen met VO-raad voorzitter Paul Rosenmöller, de Onderwijscoöperatie, leraren en andere onderwijsprofessionals.

Waar Azië bij velen onmiddellijk het beeld oproept van leerfabrieken vol ongelukkige kinderen die tot het uiterste gepusht worden door hun ouders, is Singapore deze fase al lang voorbij. Het onderwijs is gedreven door waarden als vertrouwen, zelfsturing, bewust en actief burgerschap. De aandacht voor ‘de hele mens’ viel me al op toen we op dag één de Teachers Academy betraden en een mango-pepermuntmelange onze neusvleugels prikkelde. Etherische oliën stimuleren het brein, zo werd ons verteld. Feng shui is common sense in Singapore en wordt dan ook zoveel mogelijk toegepast in schoolgebouwen en - lokalen.

Ondertussen domineert Singapore nog steeds de internationale onderwijsranglijst, zeker als het gaat om wiskunde en wetenschappelijk onderwijs. Leerlingen zitten inderdaad met z’n veertigen in de klas (en met 1500 op de basisschool!), maar daarover zegt men: ‘liever een grote klas met een goede leraar dan concessies moeten doen aan de kwaliteit van het personeel’. Die leraar, die wordt goed behandeld in Singapore. Het vak is gewild, slechts drie van de tien behalen het felbegeerde papiertje. Als ze dan eenmaal zijn begonnen, staan ze op een 40-urige werkweek maximaal zeventien uur per week voor de klas en hebben ze honderd uur per jaar om te werken aan hun professionalisering. En die leidt ook echt ergens toe, er zijn drie interessante ‘tracks’ waarbinnen een leraar zich verder kan ontwikkelen; de specialist-track, de leadership-track en een track voor de curriculum developer. Stuk voor stuk mooie kansen voor de ambitieuze leraar die door wil blijven groeien. Daar kunnen we in Nederland veel van leren!

Doel van onze reis was ook om een beeld te krijgen van de wijze waarop ze in Singapore hun curriculumwijzigingen vormgeven en laten landen in de klas. Dit nieuwe curriculum sluit opvallend sterk aan op het voorstel van Platform2032: veel aandacht voor persoonsvorming en burgerschap, themagestuurd onderwijs, waarbij onderzoeken en ontdekken onderdeel is van het curriculum en een systeem waarbij leraren zelf zorgen voor verdieping en verbreding die past bij hun leerlingen.
Singapore benadert de rol van het onderwijs sterk vanuit wat de samenleving nodig heeft. Het curriculum verandert daarom voortdurend mee.  

Ondanks de overduidelijke nadelen, was het voor onze delegatie toch ook een verademing om de efficiëntie van een strak centraal gestuurd systeem te zien. Alignment is daardoor vanzelfsprekend. Er gaat geen energie verloren aan uitvoerig afstemmingsoverleg, het verdelen van de macht, bureaupolitiek en miscommunicatie. Totaal onvergelijkbaar met de Nederlandse situatie natuurlijk. Maar er zitten wel degelijk elementen in die ons kunnen inspireren. Bijvoorbeeld dat alle mensen die bezig zijn met onderwijs (dus ook op de opleidingen en op het Ministerie) ooit leraar zijn geweest. Of het concept dat je als leraar niet tot één bepaalde school behoort, maar tot een cluster. Dat maakt je flexibel en je doet gemakkelijker nieuwe ideeën op. Ook qua diversiteit in de teams loopt Singapore op ons voor, iets wat je misschien niet zou verwachten. Iedere leraar heeft een specialisme en ook prestatiebeloning past in deze cultuur. Dit raakt weer aan de enorme ambitie en innerlijke drive van de bevolking.

Maar er zijn ook redenen voor de Singaporezen om eens bij ons op werkbezoek te komen. Zo heeft Singapore per hoofd van de bevolking het grootste aantal mobiele aansluitingen ter wereld, maar gebeurt er in de klas nog bijzonder weinig met ICT. Ook ouderbetrokkenheid is nog weinig ontwikkeld, ouders ondersteunen het nieuwe holistische curriculum nog niet en blijven fortuinen spenderen aan huiswerkinstituten en andere begeleiding voor hun kinderen. Ze zullen zich vast verbazen over onze MR en OR. In Singapore mag je niet eens over onderwijs schrijven in de krant, dus een kritische noot is niet te vinden. Ook horen we geen kritiek op het beleid, niet bij leraren, niet bij de ambtenaren… en dat mag uiteraard ook niet.

Mijn conclusie: we hebben alle reden om door te gaan met mopperen op ons systeem, maar laten we ondertussen vooral genieten van onze vrijheid en deze koesteren.