Rinda den Besten: Onderwijs voor de toekomst

De kunst en de uitdaging van het onderwijs is leerlingen bagage mee te geven waarmee ze later als volwaardige burgers kunnen meedoen in de samenleving. Dat is een belangrijke taak, maar ook een ingewikkelde omdat de toekomst van die samenleving noch die van de arbeidsmarkt zich goed laat voorspellen. Er is geen glazen bol waarin we kunnen kijken.

Toch zien we al wel dat bijvoorbeeld digitale vaardigheden, sociaal-culturele vaardigheden en creatief denken van steeds groter belang worden. Om die belangrijke taak van het onderwijs goed uit te kunnen voeren, zullen scholen met hun onderwijs daarop moeten inspelen. Kerndoelen helpen daarbij. Dit zijn streefdoelen waarop scholen zich moeten richten ten aanzien van de ontwikkeling van kinderen. Het is dus van wezenlijk belang dat ook deze doelen meegaan met de tijd.

In de 58 kerndoelen die het primair onderwijs nu telt, wordt amper over over bijvoorbeeld mediawijsheid gerept. Vreemd, als je bedenkt dat de samenleving nog steeds in toenemende mate digitaliseert. Het geeft maar aan dat de doelen niet meer up-to-date zijn en op zijn minst tegen het licht moeten worden gehouden.

Verwachtingen

Daar komt nog bij dat het voor scholen nu niet helder is wat van hen wordt verwacht. De kerndoelen zijn vrij vaag en geven weinig richting. De Inspectie van het Onderwijs rekent scholen slechts af op een deel van de kerndoelen. En scholen krijgen er nog altijd steeds meer taken bij. Ze worden bijvoorbeeld opeens geconfronteerd met verplichte antipestprogramma’s, moeten helpen obesitas bij kinderen aan te pakken en ga zo maar door. Ze hebben te maken met een wirwar aan verwachtingen vanuit de politiek en de samenleving en het onderwijsprogramma is daarmee overvol geraakt.

Vind ik het gek dat die verwachtingen er zijn? Zeker niet, die verwachtingen mogen er best zijn. Mits we daarnaast ook erkennen dat ouders en anderen ook een rol hebben. Het onderwijs kan die verwachtingen gewoonweg niet alleen waarmaken. Maar wel vind ik dat het onderwijs, onze scholen, hun besturen en leerlingen recht hebben op helderheid op lange termijn, op continuïteit. Aan een samenhangende en toekomstbestendige visie op onderwijs, met aandacht voor de brede maatschappelijke opdracht van scholen. Waarin zowel uitstekende taal- en rekenvaardigheden als de vraag naar techniekonderwijs, sport, bewegen en een gezonde leefstijl, cultuur en de zogenoemde 21e-eeuwse vaardigheden, zoals creatief denken, zijn verwerkt. De natuurlijke nieuwsgierigheid van kinderen vormt een belangrijk aanknopingspunt om tegemoet te komen aan de eisen van de toekomst en om te zorgen voor een samenhangend onderwijsaanbod, zo staat ook in onze Strategische Beleidsagenda.

Visie

Het onderwijs heeft kortom recht op een visie die niet meteen weer wijzigt wanneer er een nieuw kabinet aantreedt of nieuwe akkoorden worden gesloten. Op een visie die richting geeft zodat iedereen weet wat er van het onderwijs wordt verwacht, maar ook een die ruimte laat voor scholen om daar verder zelf invulling aan te geven. De Onderwijsraad komt binnenkort met een advies over het ‘curriculum van de toekomst’. Ik hoop dat zijn rapport bij deze behoefte aansluit.

Als we al die versnipperde eisen en verwachtingen stroomlijnen en moderniseren, geven we de sector wat mij betreft voor een langere periode duidelijkheid. Dat geeft het onderwijs de rust en de ruimte om het onderwijs zelf preciezer in te vullen, om er een eigen tintje aan te geven. Daarmee behouden we de ons zo kenmerkende diversiteit in het onderwijs en maken we het toekomstbestendig. Onze leerlingen zijn de toekomst. Wat die ook brengen moge, laten we zorgen dat zij er klaar voor zijn.  

Rinda den Besten