Simone Walvisch: Diversiteit is de kleur van onze sector

Dé leden van de PO-Raad bestaan niet. Schoolbesturen zijn er in alle soorten en maten, volgen hun eigen ontwikkeling en hebben ieder hun eigen behoeften. 

De diversiteit in onze sector is enorm: diversiteit in omvang van schoolbesturen, in omvang van scholen, in denominaties, in onderwijskundige inrichting. Er zijn grote en kleine scholen, grote stads- en plattelandsscholen. Van de 1113 schoolbesturen in het PO zijn er 490 zogenoemde eenpitters, besturen met één school. Dat is 40 % van het totaal aantal besturen. Daarnaast zijn er 212 schoolbesturen met twee tot vijf scholen. Samen vormen deze kleinere besturen 63 % van het totaal.  

Kleine besturen zijn dus echt geen uitzondering. En als PO-Raad zijn we er voor alle schoolbesturen. Dit hield ik de aanwezigen voor bij de conferentie die de PO-Raad afgelopen vrijdag speciaal voor kleine besturen had georganiseerd (de eerste van drie conferenties). Juist vanwege die verschillende behoeften leek het ons goed om ons specifiek te wenden tot de kleinere besturen om informatie uit te wisselen en kennis te delen.

Wat kleine besturen gemeenschappelijk hebben, is dat ze geen faciliteiten of expertise hebben om alles zelf te regelen. Terwijl ze aan dezelfde eisen moet voldoen als hun grote broers en zussen. Er komt veel op álle schoolbesturen af. Om een paar actuele voorbeelden te noemen die in 2015 spelen: de inhoudelijke vormgeving van passend onderwijs, de overheveling buitenonderhoud van de schoolgebouwen, de implementatie van de nieuwe cao en de gevolgen van de leerlingdaling. Daarnaast denken de scholen na over de verbetering van de onderwijskwaliteit, over het gebruik van ICT in het onderwijs en over het tegemoet komen aan alle verschillen tussen leerlingen. De directeuren van de eenpitters die ook nog te maken hebben met vrijwillige bestuurders, hebben te veel op hun bord.

Tevreden
De kleine besturen willen graag ondersteuning van de PO-Raad op al deze onderwerpen. Maar ze hebben niet direct behoefte aan het opgaan in een grotere organisatie. Uit een kwalitatief onderzoek dat we hebben laten uitvoeren door Frans van de Kerkhof blijkt dat de bevraagde eenpitters tevreden zijn met de voordelen die hun kleinschaligheid biedt: korte lijnen, dichtbij de werkvloer. Ze vinden wel dat bij het ontwerp van wet- en regelgeving te veel wordt uitgegaan van ‘grotere onderwijsstructuren’. Ze pleiten voor meer ruimte in regelgeving zodat lokaal maatwerk mogelijk is. De schoolbesturen, zien wel de noodzaak van meer samenwerking met anderen. Dat hoeft geen fusie te zijn, maar kan verschillende vormen hebben. 

Samenwerken
Vormen van samenwerking was een duidelijk onderwerp van gesprek tijdens de conferentie van afgelopen vrijdag. Er kwamen verschillende voorbeelden langs: een gezamenlijke vervangingspool, de inbreng op elkaar afstemmen in een samenwerkingsverband passend onderwijs, het delen van een controller of een P&O-er, het verdelen van bestuurlijke taken (wie gaat waarheen?), noem maar op. Dat kan zonder dat de besturen hun eigenheid verliezen en het kan ook een groeimodel zijn.

Daarnaast vraagt men aan de PO-Raad om ondersteuning, instrumenten en advies. Zo werd het voorstel gedaan dat de PO-Raad gaat werken met accountmanagers die een vast contactpersoon worden voor een regio. En de eerste mensen hebben zich al opgegeven om daar vanuit het veld een coördinerende rol in te spelen! 

De eerste conferentie van afgelopen vrijdag was een succes. Er waren veel mensen die nooit eerder op een bijeenkomst van de PO-Raad waren geweest. Er was een positieve sfeer, van leren van elkaar en onderlinge herkenning. De andere twee zijn op 16 en 23 januari. U kunt zich nog inschrijven en we zien er naar uit om u daar te ontmoeten!

Simone Walvisch