Simone Walvisch: 'Geen populaire boodschap, maar wel noodzakelijk'

In de aanloop naar de verkiezingen en het nieuwe schooljaar brachten wij onlangs opnieuw het verwachte lerarentekort onder de aandacht. Als we niets doen, hebben we in 2020 duizenden leraren te weinig. Een oproep aan de politiek. Er kwamen veel positieve reacties op, maar we kregen ook kritiek, omdat het weer eens over geld ging. Alsof het onderwijs Rupsje Nooit Genoeg is. Eén van onze voorgestelde oplossingen: laat zien dat je de leraar serieus neemt door een fatsoenlijk salaris. Niet eens omdat de huidige leraren daar massaal om vragen (al zullen ze er geen nee tegen zeggen), maar omdat ze het verdienen.

Lesgeven is níet de klas rustig houden en dan leren kinderen vanzelf. Lesgeven op de basisschool en in het speciaal onderwijs is een ingewikkeld beroep. Het vereist een hoog kennisniveau van veel verschillende vakken, en een breed scala aan pedagogische en didactische vaardigheden. Als we zeggen: elk kind telt, vraagt dat van de leraar inzicht in de leerprocessen van álle kinderen.

Een andere reden om de leraar basis- en speciaal onderwijs beter te belonen is om de concurrentie aan te kunnen met het beroep van de jurist, de adviseur, de econoom. Om al het onderwijstalent dat het beroep overweegt, maar er vervolgens toch vanaf ziet, te verleiden om leraar te worden. Met nieuwe doelgroepen komt er ook meer diversiteit in de teams.

De academische pabo was een grote stap om meer vwo-ers te werven. Wij gaan nu voor een tweede stap: een volledig universitaire bachelors opleiding. Het is niet zo dat we uitsluitend academici in het onderwijs willen, maar de ervaring met de ‘ALPO’-afgestudeerden leert dat zij iets kunnen toevoegen aan de teams. Wij zijn blij met de oprichting van de Beroepsvereniging Academici Basisonderwijs. Maar in het eerste het beste interview dat je tegenkomt op hun site, spreekt starter Manon al over een mogelijke toekomst als orthopedagoog! Ondanks dat ze nog veel ontwikkelingskansen en uitdagingen voor zichzelf ziet. Wat doen we verkeerd?

(...) de status van de man wordt nog altijd in hogere mate door inkomen bepaald dan die van de vrouw en laten we er van de mannelijke variant nu helemáál te weinig hebben

Willen we die academische leraar behouden in de klas, dan moeten we hem (ik zeg hier even bewust hém, want de status van de man wordt nog altijd in hogere mate door inkomen bepaald dan die van de vrouw- en laten we er van de mannelijke variant nu helemáál te weinig hebben) ook daadwerkelijk iets te bieden hebben. Maar met een salaris dat op z’n hoogtepunt nog altijd onder dat van een beginnend Rijksambtenaar ligt, doen we dat allerminst. En er zijn ook weinig loopbaanmogelijkheden binnen het basisonderwijs. Dat zal de reden zijn waarom Manon overweegt orthopedagoog te worden.

De functiemix is een beweging de goede kant op: bij een grotere verantwoordelijkheid, ambitie en inspanning binnen de school hoort een passende beloning. Maar dit blijkt niet voldoende, zeker niet voor een universitair geschoolde leerkracht. Bovendien is die differentiatie vaak nog een lastig thema in onze onderwijscultuur.

Het is geen populaire boodschap dat er geld bij moet. Maar het is wel nodig. Vijfhonderd miljoen, alleen al om de hoger opgeleide leraar in het po hetzelfde te belonen als een collega in het vo. Willen we de salarissen over de volle breedte ophogen, dan gaat het om circa twee miljard.

Dit is het moment om aandacht te vragen voor de financiële situatie in het primair onderwijs, met de verkiezingen in aantocht en de vorming van een regering daarna. We zijn zo benieuwd naar de beloftes van de politieke partijen! En we hopen heel erg dat ze na de verkiezingen geen ‘sorry’ gaan zeggen.