‘Bestuurstaken? Ik moet er niet aan denken. De schoolleider is geen bedrijfsleider’

‘Op naar het werk. Een dagje macht misbruiken, geld op de plank leggen, onderwijs om zeep helpen, graaien, megalomane projecten op zetten, kortom een dagje onderwijs besturen. (….)’ Aldus een sarcastische Margareth Runderkamp op Twitter. Er zijn weinig dingen die mijn dag kunnen verpesten. Maar toen ik afgelopen maandag wakker werd, op mijn telefoon keek en het bericht van de NOS zag met het voorstel van D66 om de invloed van schoolbesturen aan banden te leggen en het geld rechtstreeks aan scholen uit te keren, toen wist ik: dit wordt zo’n zeldzame dag. Als oud-schoolbestuurder raakt mij deze dolksteek in de rug, van een oud-collega notabene, enorm. En ik bleek niet de enige. Voordat ik op het PO-Raad bureau aankwam, stond mijn mailbox en die van Rinda al bol van de reacties van boze leden, schoolbestuurders én schoolleiders. Met een aantal van hen hebben we wat langer gesproken. We willen hun reacties de komende tijd graag met u delen in een serie interviews. Want dat wij als bestuurders hier niet blij van werden, dat zal niemand verbazen. Veel interessanter is hoe de mensen op de scholen er tegenaan kijken. In deze eerste aflevering vertellen schoolleiders Christa Somers en Ron Winkens over het samenspel tussen school en bestuur. Beiden krijgen alle ruimte van hun bestuur om hun onderwijs vorm te geven. Ik hoop dat onze kritische vrienden van D66 ook even meelezen.

Anko van Hoepen
vicevoorzitter PO-Raad

 

‘Bestuurstaken? Ik moet er niet aan denken. De schoolleider is geen bedrijfsleider’

Schoolleider Christa Somers
,,Wij hebben veel vrijheid om het onderwijs op onze scholen op onze manier te organiseren. Onze scholen staan in hele diverse wijken, hebben een diverse populatie en dus ook andere dingen nodig. Het is dan ook belangrijk dat we het onderwijs daarop kunnen afstemmen. Onze bestuurder stimuleert dat ook. Hij stelt kritische vragen, maar dat levert goede dialogen op waardoor we zelf ook steeds kritisch blijven op dat wat we doen. Op onze scholen hebben we mede daardoor een goede kwaliteitscultuur. We spreken elkaar aan en ons bestuur creëert de ruimte die we nodig hebben om ons te kunnen ontwikkelen. We krijgen kaders, maar onze scholen zijn geen eenheidsworst.

Ook als het gaat over het besteden van geld, hebben we veel ruimte. We hebben een eigen begroting en daarnaast heeft het bestuur jaarlijks een bedrag gereserveerd waarvan iedere school een deel naar eigen inzicht kan besteden. Op een van de scholen merkten we bijvoorbeeld dat veel leerlingen achterliepen in hun taalontwikkeling. We wilden daarom extra taallessen geven en leraren hierin scholen. Een kind lesgeven dat nog niet op een taalniveau van een vierjarige zit, vraagt namelijk hele andere vaardigheden en kennis van een leerkracht. We hebben ook een schoolschrijver in huis gehaald die met kinderen, leraren en ouders aan taal werkte. Dat konden we betalen van die reserves. En mochten we daar eens niet mee uitkomen, dan kunnen we gewoon bij ons bestuur aankloppen. Ik heb nog nooit meegemaakt dat we niet konden doen wat wij op onze scholen zelf voor ogen hadden.

De ruimte die wij van ons bestuur krijgen om ons onderwijs af te stemmen op onze omgeving, die ruimte zou de overheid ook moeten bieden in de bekostiging.


Ik geloof niet dat ik het anders zou doen, als ik bestuurder zou zijn. Ik ben tevreden over hoe het nu gaat. Als ik direct al het onderwijsgeld van de Rijksoverheid zou krijgen, zou ik het ook niet anders besteden dan nu. Maar als er méér geld zou zijn, zou ik investeren in meer leraren en onderwijsondersteuners zodat onze leerlingen over meer professionals verdeeld kunnen worden. Maar daar kan ons bestuur nu niet zoveel aan doen, de basisbekostiging schiet tekort, dat is het probleem. Een advies is om scholen meer op maat te bekostigen in plaats van allemaal op vrijwel dezelfde manier. De ruimte die wij van ons bestuur krijgen om ons onderwijs af te stemmen op onze omgeving, die ruimte zou de overheid ook moeten bieden in de bekostiging.

Ik moet er niet aan denken dat er géén bestuur zou zijn. Dan zou ik als schoolleider een soort zelfstandig ondernemer worden en de bedrijfsleider zijn in plaats van de onderwijskundig leider die ik nu ben. Daar worden leerlingen niet beter van en daar ligt ook mijn passie niet.’’

Christa Somers is directeur bij De Gansbeek, Op ‘t Hwagveld en De Lindegaerd in Meerssen, scholen van schoolbestuur Innovo.

 

‘We werken samen maar onze school heeft veel vrijheid’


Schoolleider Ron WInkens,,Met 45 scholen en duizend medewerkers is ons bestuur vrij groot, ik heb veel collega’s. Om toch samen aan onderwijs te kunnen werken, hebben we een structuur ingericht waarin bestuurders, directeuren en ondersteuners met elkaar praten over de richting die we met elkaar op willen. Ook hebben we diverse projectgroepen van leerkrachten. Het bestuur pakt verder diverse schooloverstijgende zaken op en doet dat goed. Een voorbeeld is de vervangingspool die ze heeft opgezet voor alle scholen samen.

Toch hebben we met onze individuele scholen ook veel vrijheid. Ja, er is een strategisch beleidsplan dat de kaders schetst voor de langere termijn. Het bestuur regelt de kaderstellende zaken voor onderwijs, financiën, huisvesting en personeel, maar vervolgens ben ik er voor mijn school integraal verantwoordelijk voor.
De kaders kunnen we dus vervolgens met onze schoolteams zelf inkleuren. Dat is nodig, want je kunt je voorstellen dat een school in Heerlen nu eenmaal anders is en andere dingen nodig heeft in haar onderwijs dan een school in Bunde. Het bestuurslogo symboliseert die vrijheid ook. Het logo is zwartwit en iedere school kan die op haar eigen manier kleur geven.

Het bestuur schept de kaders, wij kleuren die in.

Op onze school focussen we naast de basisvaardigheden op Wetenschap & Techniek, ICT en muziek. Deze focus past bij onze leerlingenpopulatie, we profileren ons hiermee en ouders hebben hierdoor iets te kiezen. Bij collega-scholen zit dit juist weer niet in het standaardpakket.
Als schoolleider heb ik het gevoel dat ik bijna alles mag van mijn bestuur. Het gebeurt zelden dat ik iets wil doen en mijn bestuurder dat niet goed vindt. 

Deze verhouding tussen bestuur en schoolleider bevalt me goed. Ik werk dolgraag bij Innovo. En niet alleen ik, maar heel veel werknemers. Het kost ons niet heel veel moeite nieuwe mensen te vinden voor vacatures. Het zit dus wel goed met onze onderwijsfilosofie.
Ik snap niks van politieke uitspraken over het buitenspel zetten van besturen. Als je me als schoolleider ook de taken zou geven van een schoolbestuur, dan zou mijn werk een grote wilde oceaan zijn. Nee, dan zou het niet behapbaar zijn en zou ik op zoek gaan naar een nieuwe job.’’

Ron Winkens is Directeur van basisschool Franciscus in Bunde, een school van schoolbestuur Innovo.

Laatst gewijzigd: 
maandag 2 juli 2018

Nieuwscategorieën