‘Onderwijs en zorg hebben elkaar nodig.’

‘Ga met kinderen in gesprek over wat ze nodig hebben om zich te kunnen ontwikkelen en win advies in bij de ouders. Zij kennen het kind het beste.’ Met dat advies opende spreker Joy van der Stel de tweedaagse passend onderwijs. Gezeten in een hypermoderne rolstoel hield zij een betoog over het betrekken van ouders en kinderen bij zorg en onderwijs. ‘Mijn ouders leerden mij al heel vroeg dat mijn beperkingen geen hoofdrol spelen in mijn leven. Denk in kansen en mogelijkheden, niet in obstakels.’

De de tweedaagse passend onderwijs van 4 en 5 oktober 2018, was georganiseerd door de PO-Raad, VO-raad, de samenwerkingsverbanden, het NJi en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Bestuurders van samenwerkingsverbanden en schoolbesturen uit het primair en voortgezet onderwijs, medewerkers van gemeenten en jeugdhulp, ouders en jongeren konden elkaar op de tweedaagse ontmoeten en van gedachten wisselen over inclusief onderwijs. Verder voorzagen sprekers en workshops in de informatievoorziening over de laatste ontwikkelingen binnen passend onderwijs.

Dagvoorzitter Ernst Reichraht merkte op dat de inbreng van ouders en kinderen cruciaal is in het onderwijs en dat ‘netwerksamenwerking zoals deze georganiseerd is, binnen passend onderwijs best heel ingewikkeld is’. Volgens Reichraht omdat ‘verschillende culturen met verschillende belangen moeten samenwerken en bestuurlijke ego’s soms botsen’. Zijn advies: ‘Blijf met elkaar in dialoog, want je hebt elkaar nodig. En ga op zoek naar gemeenschappelijke werkagenda’s, gedeeld eigenaarschap en gedeelde principes in het passend onderwijs.’

Namens OCW sprak directeur voortgezet onderwijs Christianne Mattijssen over gemeenschappelijke belangen en verbinden van belangen. Mattijssen: ‘Verbindingen zijn belangrijk in een tijd waarin we steeds meer individualiseren. Sterke schakels worden pas een keten als we gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor het totaal.’

Met die woorden beschreef Mattijssen tevens de opdracht van samenwerkingsverbanden. ‘We zijn op de goede weg, maar het kan beter.’ Ter illustratie noemde ze de huidige schotten tussen onderwijs en zorg. ‘Daar waar het kan moeten we onnodige schotten tussen onderwijs en zorg slopen, want voor echte verbindingen moeten we met elkaar in gesprek gaan.’

‘Onderwijs en zorg hebben elkaar nodig,’ stelde ook Rinda den Besten op podium. Naast haar zat Paul Rosenmöller, voorzitter van de VO-raad. Den Besten ziet een aantal problemen op het onderwijs afkomen, die niet door het onderwijs alleen opgelost kunnen worden. Problemen die ontstaan doordat de samenleving steeds complexer wordt.

‘Wat ik hoopgevend vind is dat steeds meer scholen met nieuwe vormen van onderwijs komen, samenwerkingsscholen ontstaan en maatwerk.’ Maar wat, volgens Den Besten, nog ontbreekt is vertrouwen in elkaars professie en ‘elkaars taal leren spreken’. Met vertrouwen en begrip kunnen betere verbindingen ontstaan tussen onderwijs en zorg.

VO-raad voorzitter Rosenmöller pleitte voor ‘meer regie naar de leerling’. Wel vraagt hij zich af er voldoende vaardigheid en capaciteit in onderwijs aanwezig is daarmee inclusief onderwijs te leveren. ‘Zijn de leiders van scholen handelingsvaardig genoeg om zich aan de behoefte van de leerling aan te passen en stellen we de leraren allemaal in staat om dit erbij te doe?

Filosoof en wetenschapper Patrick Loobuyck denkt in ieder geval dat inclusief denken in passend onderwijs (nog) niet vanzelfsprekend is en dat ‘we empathie moeten ontwikkelen om over inclusie na te kunnen denken.’ Alleen zo kan het wij-zij denken verlaten worden en een dialoog ontstaan. En daarmee heeft het onderwijs, volgens de filosoof, een belangrijke sleutel in handen. ‘Het onderwijs is de enige plek waar alle burgers samenkomen en elkaar ontmoeten. Hier leren ze inclusief denken en handelen.’ Onderwijs is daarmee voor Loobuyck dé plek waar diversiteit, dialoog en inclusiviteit samenkomen.

Laatst gewijzigd: 
dinsdag 9 oktober 2018

Nieuwscategorieën