Praktijkvoorbeeld

Digitaal geletterde leerlingen? Dan eerst digitaal geletterde leraren en schoolleiders

Als kinderen digitaal geletterd zijn, dan vergroot dat hun kansen voor de toekomst. De Rotterdamse stichting BOOR ziet de medewerkers van haar 75 scholen als belangrijke schakel om dit te bereiken. Het is dus heel belangrijk de medewerkers óók zelf digitaal geletterd zijn. Maar hoe pak je dat aan, als er onderling veel niveauverschil is?  

BOOR diende een innovatievraag in bij de PO-Raad om dat uit te zoeken: Hoe verbeter je de digitale geletterdheid van alle medewerkers, van leraar tot schoolleider? Een pilot kreeg door corona een flinke impuls. Ondertussen heeft BOOR de ondersteuning van de ontwikkeling van ICT-bekwaamheid centraal geregeld, met een vaste plek in het HR-beleid. 

Vraagstuk

Stichting BOOR verzorgt het openbaar (speciaal) basisonderwijs, voortgezet onderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs in Rotterdam. In totaal zo'n 75 scholen, waar dagelijks aan ongeveer 30.000 leerlingen wordt lesgegeven. De achtergrond van de leerlingen is zeer divers en het is niet vanzelfsprekend dat zij digitale geletterdheid van huis uit meekrijgen. Om voor deze kinderen maximale kansen te creëren en de 'digitale kloof' te verkleinen, kan het bevorderen van digitale geletterdheid een belangrijke succesfactor voor de toekomst zijn. Dat lukt alleen als alle medewerkers, van leraar tot schoolleider, ook digitaal geletterd zijn.  

De pilotscholen richten zich op digitale geletterdheid, maar kijken hiervoor ook naar de randvoorwaarden vanuit het Vier-in-balans model, het thema leiderschap en de gewenste mindset (het belang inzien van iets).

Resultaat

Acht pilotscholen van BOOR gingen aan de slag met het verhogen van de ICT-bekwaamheid van de medewerkers. Met behulp van een digitale vaardighedenscan werd voor elk pilotschool de uitgangspositie bepaald. Deze scan vormde de basis voor de gesprekken met de scholen: door de resultaten ervan te vergelijken met het wensbeeld, werd duidelijk wat de (na)scholingsbehoefte was.  

Omdat het instapniveau verschillend was, keek BOOR met elke school afzonderlijk naar de invulling. Dat konden plannen zijn op teamniveau, als er iets is waar het hele team behoefte aan heeft, maar dat kan ook meer op de persoonlijke maat zijn gesneden. De ervaring die is opgedaan met de pilotscholen dient als voorbeeld én inspiratiebron voor alle BOOR-scholen.  

Dit zijn de resultaten van de innovatievraag  

  • Centrale ondersteuning op het vlak van de ontwikkeling van ICT-bekwaamheid op BOOR-scholen. Ook na de pilot blijft het projectteam schoolleiders begeleiden.  

  • De acht pilotscholen hebben inzicht gekregen in het huidige (digitale) vaardigheidsniveau van schoolleiders en leraren en daarmee handvatten voor het gewenste (na)scholingsaanbod.  

  • ICT-bekwaamheid heeft een structurele plek in schoolplannen en is een terugkerend thema in de HR-gesprekken. 

  • De jaarlijkse professionaliseringsdag staat volledig in het teken van ICT-vaardigheden, dit thema is door de innovatievraag op de kaart gezet bij het bestuurskantoor en de scholen.  

Tips  

Zelf aan de slag met ICT-bekwaamheid? Dit zijn de tips van BOOR:  

  • Sluit met je plan aan bij de cultuur van de school. Doe je dat niet, dan heb je niet alleen een project over digitale geletterdheid maar moet je ook investeren in een cultuurveranderingstraject.  

  • Laat het ontwikkelen van ICT-bekwaamheid hand in hand gaan met het werken aan adequate ICT-voorzieningen.  

  • Geef de mensen op de school niet het gevoel dat ze ‘de maat worden genomen’ of dat ze worden ‘afgerekend’ op hun niveau van digitale geletterdheid. Blijf benadrukken – niet alleen in woord maar vooral ook in daad – dat het een hulpmiddel is om goede ontwikkelingen in gang te zetten.  

Wil je sparren over dit onderwerp? 

Neem dan contact op met Claudia Cobelens, programmamanager bij BOOR.  

Proces

Voor de start van de innovatievraag was er binnen BOOR al een werkgroep die zich bezighield met digitale geletterdheid. Bestuursadviseur Cor Katerberg: “We waren bezig met vragen als: ‘Wat moet een leraar, ICT-coördinator of schoolleider kunnen op dat gebied?’ De innovatievraag kwam als geroepen, want daardoor konden we het nog groter aanpakken.” Tegelijkertijd investeerde BOOR in het in kaart brengen en op orde brengen van de ICT-infrastructuur: een vereiste om goed aan de slag te gaan met digitale geletterdheid. 

Pilotscholen 

Om te komen tot een procesaanpak die binnen het hele bestuur en de sector gebruikt kan worden, ging BOOR aan de slag met vijf à tien pilotscholen. Op elke school stond een andere vraag rondom digitale geletterdheid centraal. De pilotschool ging vervolgens, waar gewenst met ondersteuning, met een digitale vaardighedenscan na hoe het stond met de huidige vaardigheden op het gebied van digitale geletterdheid bij de medewerkers. Ook bracht de school haar wensbeeld in kaart en wat er nodig is om dit te realiseren. Zo ontstond een plan van aanpak met fasering per school.  

Elke pilotschool werkte met het Vier in balans-model. Katerberg: “Het team gaat bijvoorbeeld samen met de ICT'er aan de slag met het ontwikkelen van een visie op ICT in de klas.” 

Corona als katalysator 

Toen corona uitbrak, zorgde het afstandsonderwijs ervoor dat leraren zich meer bewust werden van het belang van digitale geletterdheid én ze verbeterden hun digitale vaardigheden in hoog tempo. Corona werkte als een katalysator voor de innovatievraag: steeds meer scholen wilden meedoen met de pilot en ICT-bekwaamheid is nu een onderdeel van het strategisch beleid op de BOOR-scholen. 

Verbreding van de scope  

In de loop van het traject werd de scope van het programma verbreed van digitale geletterdheid naar ICT-bekwaamheid. Bij het projectteam sloten ook een HR-adviseur en een collega van onderwijskwaliteit aan omdat het uiteindelijke doel van ICT-bekwaamheid is dat de onderwijskwaliteit verbetert. Het ontwikkelen van ICT-vaardigheden krijgt ook een plek in de functioneringsgesprekken. 

 

Meer weten?

Logo
Organisatie

Stichting BOOR

Verhalen bij dit praktijkvoorbeeld

Downloads