Interview met Jakolien Kraeima: "Het lerarentekort is niet het echte probleem"

Aan het begin van het huidige schooljaar stelde de RVKO (Rotterdamse Vereniging Katholiek Onderwijs) bij een studiedag haar werknemers een belangrijke vraag: wat heb je nodig om optimaal tot je recht te komen? Het was het startsein van een zoektocht naar hoe niet meer te focussen op kortetermijnoplossingen, maar een duurzame visie waarin de kwaliteit van het onderwijs altijd voorop staat.

Interview met Jakolien Kraeima, stafmanager HR bij de RVKO, het bestuur voor katholieke basisscholen in Rotterdam. 

Het echte probleem

Jakolien Kraeima“De huidige leerlingpopulatie is heel divers en waar het onderwijs eerst nog duidelijk voor een aantal beroepen opleidde, is dat nu niet meer het geval. Onderwijspedagoog en hoogleraar Gert Biesta zegt dat onderwijs drie doelen kent: kwalificatie (kennis en vaardigheden), socialisatie en subjectivering (de vorming van de persoon). Ons onderwijssysteem is nog steeds gefocust op dat eerste onderdeel, die kennisoverdracht. Maar hoe zinvol is het om alle dorpjes in Wit-Rusland te kennen? Het enige argument dat ik daarvoor heb gehoord is dat leerlingen moeten ‘leren leren’. Dat is inderdaad belangrijk, maar laat ze dat dan doen met kennis waar ze meer aan hebben.

Het lerarentekort is niet het echte probleem. Het huidige onderwijssysteem sluit niet meer aan bij de wensen en de manier van denken van de jongere generaties werknemers. Die kiezen niet meer één vak dat ze tot hun pensioen gaan uitvoeren. Ze vinden zingeving belangrijk, willen het verschil maken en díe dingen doen waarin zij optimaal kunnen bijdragen. Die mensen wil je in de klas. We moeten het huidige systeem kritisch onder de loep nemen, om ook voor díe collega’s aantrekkelijk te zijn en uitdagend te blijven.”

Doen wat je zou willen doen

“Regelmatig horen we van leerkrachten dat ze vinden dat ze tekortschieten. Die fietsen naar huis en denken ‘Ik heb weer niet alle leerlingen dát kunnen bieden wat ze nodig hebben.’ En dat ligt echt niet aan die leerkrachten. We willen van alles voor onze leerlingen: autonomie, talentontwikkeling, voldoende uitdaging, kijken waar hun behoeften liggen, enzovoort. Al die zaken moet je ook voor je leerkrachten willen. Er is zo veel talent. Stel, je hebt een leerkracht met een muziekachtergrond en een leraar die de muzieklessen juist vervelend vindt en daardoor werkdruk ervaart. Laat dan die leerkracht die het leuk vindt in meerdere klassen muziekles geven. Daar zijn zowel beide leraren als de kinderen bij gebaat. Ik geloof zelfs dat ook voor leerlingen het beroep van leraar weer aantrekkelijker wordt door leerkrachten die zichtbaar plezier hebben in hun vak.”

Beter organiseren

“Om zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van de mensen en tijd die je hebt, wordt er vaak over ‘anders organiseren’ gesproken, maar ik vind dat geen goed begrip. Je kunt dat namelijk grofweg op twee manieren doen: beter of inferieur. Als je het tekort centraal stelt, dan kies je voor pleisters plakken. Dan zet je onderwijsassistenten zelfstandig voor de klas of je huurt dure krachten in via uitzendbureaus, maar dat zijn geen duurzame oplossingen. Sterker nog, op lange termijn vormen die een groot risico. Sommige uitzendbureaus beloven startende leraren dat ze na twee jaar in salarisschaal L11 of L12 zitten, maar hebben geen idee welke competenties daarbij horen. Zoiets werkt enorm demotiverend voor de collega die al vijftien jaar voor de klas staat en de salarisschaal verdiend heeft op basis van werkelijk verworven competenties en jarenlange ervaring. En juist díe leraren willen we behouden! Met deze inferieure constructies heb je wel voor even het tekort opgelost, maar het maakt het probleem uiteindelijk groter. Je kunt het ‘anders organiseren’ noemen, maar het is wel inferieur. Ik heb het daarom liever over ‘beter organiseren’.”

Terugdringen ziekteverzuim

“Wat niet per se innovatief is, maar waar wel veel winst mee behaald kan worden, is het terugdringen van het ziekteverzuim. Heel veel verzuim wordt nog benaderd vanuit het medisch model: als je ziek bent, blijf je thuis. Maar thuiszitten is niet voor iedereen het beste. Voor velen wordt de drempel om weer te gaan werken daardoor steeds hoger. Bovendien heb je als werkgever ook de zorg voor de andere collega’s die de gaten van het verzuim steeds opvangen. Zo’n vitaliteitsbeleid vanuit het gedragsmodel - waarbij het gaat om een andere benadering van verzuim - is een flinke cultuurverandering en dat kost tijd. Wij begonnen in 2013 hiermee, toen hadden we een ziekteverzuim van 8,6%, nu is dat slechts 4%. Per saldo betekent dat voor de RVKO, met 1400 fte, dat per dag ongeveer 64 mensen niet verzuimen, maar gewoon hun eigen werk doen.”

Je kunt het ‘anders organiseren’ noemen, maar het is wel inferieur. Ik heb het daarom liever over ‘beter organiseren’.

Kwaliteit

“De antwoorden die we tijdens de studiedag op de vraag ‘Wat heb je nodig om optimaal tot jouw recht te komen?’ kregen, waren onder andere tijd voor mijn kerntaak, ruimte voor talent, meer onderwijsassistenten, vakspecialisten en autonomie. Bij de RVKO doen we verschillende concrete dingen om daaraan tegemoet te komen. We hebben bijvoorbeeld een aantal scholen met unitonderwijs, dat vergroot de autonomie bij de leerling, maar ook bij de leerkracht. We hebben een sterrenschool, die is vijftig weken per jaar open. Leerlingen, maar ook leerkrachten zijn flexibeler in hun vrije dagen. Die flexibele werktijden vinden veel leerkrachten aantrekkelijk. We hebben een po-vo-traject waarbij vakdocenten uit het voortgezet onderwijs lessen geven op basisscholen. Leerkrachten worden geïnspireerd door die gastlessen en docenten uit het voortgezet onderwijs leren weer waar hun leerlingen vandaan komen. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten. En we hebben een nauwe samenwerking met de Thomas More Hogeschool waarbij derdejaars studenten als leraarondersteuner op onze scholen aan de slag kunnen. In overleg met de pabo kijken we welke studenten daar geschikt voor zijn, want ze moeten natuurlijk niet vastlopen in hun studie. Deze inzet is zowel voor de studenten, als ook voor de scholen enorm waardevol. Voor alle maatregelen die we treffen geldt: ze zijn alleen duurzaam als de kwaliteit van het onderwijs het uitgangspunt is. Dan bouwen we aan het beste onderwijs voor leerlingen en het mooiste vak voor leerkrachten.”

Verhalen uit de praktijk

De PO-Raad ziet schoolbesturen, scholen, gemeenten, partners en opleiders samenwerken in de aanpak tegen het lerarentekort. Dit interview is de elfde van een serie verhalen uit de praktijk. De komende periode delen wij deze verhalen. Om de initiatieven inzichtelijk te maken maar vooral om anderen te inspireren. Lees meer op de pagina Aanpak lerarentekort.

Laatst gewijzigd: 
donderdag 11 juli 2019

Nieuwscategorieën