Nieuws

Welbevinden leerlingen en professionaliteit teams verbeterd door Nationaal Programma Onderwijs

Het onderwijs is hard aan het werk om door corona veroorzaakte leervertragingen in te halen. Dat schrijft minister Dennis Wiersma (voor primair en voortgezet onderwijs) aan de Tweede Kamer. Dit is het beeld van zijn bezoeken aan scholen en ook het beeld dat naar voren komt in de tweede voortgangsrapportage van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO).

Op 14 april 2022 stuurde Wiersma de tweede voortgangsrapportage NPO naar de Tweede Kamer met een brief met enkele punten waarop hij het programma wil bijsturen. In zijn brief maakt de minister vooral de verbinding tussen de doelen van het programma en de doelen uit het coalitieakkoord. Hij wil daarmee zorgen dat de tijdelijke middelen aansluiten op structurele maatregelen, bijvoorbeeld die in het kader van het masterplan basisvaardigheden. 

De PO-Raad is positief over structurele mogelijkheden voor de verdere verbetering van het onderwijs. De sectororganisatie maakt zich wel zorgen over de vermenging van de twee programma’s. Eenduidigheid en duidelijkheid dreigen te vervagen als doelen, uitvoering en verantwoording van zowel het tijdelijke programma als het structurele plan door elkaar gaan lopen. 

Uitdagingen

Uit de voortgangsrapportage blijkt dat schoolorganisaties met name zien dat het welbevinden van leerlingen positief verandert als gevolg van de gekozen interventies. Ook oordelen ze vaak positief over de invloed van het programma op de professionele ontwikkeling van het team. Dit is met name in het primair onderwijs het geval, waar 70% van de schoolleiders een positieve invloed ziet. Op slechts een klein deel van de scholen komt het programma niet goed van de grond. Schoolleiders op deze scholen pleiten vooral voor meer personeel om de interventies uit te voeren. Ook heeft een deel van hen behoefte aan meer (ontwikkel)tijd. Met name in het (v)so geven schoolleiders aan dat het een grote uitdaging was om voldoende personeel te vinden voor de uitvoering van interventies.

De Tweede Kamer en ook de Algemene Rekenkamer hebben eerder kritische kanttekeningen geplaatst bij de doelmatige besteding van de NPO-middelen en het zicht daarop. De maatschappelijke doelstelling van het NPO is volgens Wiersma steeds gericht geweest op het herstel van coronagerelateerde vertragingen, herstel van kansenongelijkheid en een duurzaam effect op de onderwijskwaliteit. 

De minister benoemt zorgen over signalen dat sommige scholen activiteiten onder de menukaart scharen die er niet onder passen: “De middelen zijn met een specifiek doel aan de scholen uitgekeerd en de besteding daarvan moet eraan bijdragen dat leerlingen zo snel mogelijk weer op niveau zijn. Ik zal daarom onderzoeken of dit gaat om incidenten of niet en wat de beweegredenen van scholen zijn.”

Uit onderzoek blijkt verder dat op zo’n 95% van de scholen de medezeggenschapsraad betrokken is bij de plannen in het kader van NPO. Wiersma is kritisch dat de medezeggenschapsraad nog niet op alle scholen heeft ingestemd met de plannen. De PO-Raad onderstreept het belang van de betrokkenheid van de medezeggenschap.

Arbeidsmarkttoelage 

Leraren op scholen met veel achterstandsleerlingen die op dit moment een extra arbeidsmarkttoelage ontvangen, zeggen dat de toelage met name een positief effect heeft op de overweging om in het onderwijs te blijven werken en op hun werktevredenheid. Bestuurders zijn verdeeld over de arbeidsmarkttoelage. Zij zijn het meest ontevreden over de tijdelijkheid van de toelage en de selectie van de vestigingen die in aanmerking komen. De PO-Raad vindt dat de geschetste (arbeidsmarkt)problematiek zich uitstrekt over de gehele sector. Verder is de verdeling van de extra middelen in het (voortgezet) speciaal onderwijs nog steeds gebaseerd op een verouderde regeling. Dit zorgt voor verkeerde spreiding en dus niet voor doelmatige besteding van de middelen.

Het coalitieakkoord bevat het voornemen om de arbeidsmarkttoelage structureel te maken. Dit komt tegemoet aan de kritiek dat een tijdelijke toelage weinig effect heeft op het behoud en aantrekken van personeel. De PO-Raad en de vakbonden zijn in gesprek met het ministerie over de voortzetting van de arbeidsmarkttoelage.
 

lezen