HRM

HRM (Human Recource Management) richt zich op het verwerven en behouden van voldoende, bekwaam, betaalbaar, gezond, gemotiveerd en duurzaam inzetbaar personeel om het onderwijs te verzorgen, te verbeteren en te innoveren. HRM is een onderdeel van het strategisch beleid van de organisatie, ondersteunend aan de visie en strategie van de instelling. De verschillende beleidsonderdelen/instrumenten worden integraal op elkaar afgestemd.

HRM staat ten dienste van de ontwikkeling van de schoolorganisatie. Iedere organisatie is voortdurend in ontwikkeling, door interne en externe invloeden. Interne invloeden die een rol spelen zijn bijvoorbeeld de cultuur die op een school heerst, leeftijdsopbouw van het personeel, de administratieve systemen die ingezet worden en organisatiestructuur. Voorbeelden van externe invloeden zijn dalende leerlingenaantallen of aanpassingen in wet- en regelgeving.

Goed werkgeverschap

In de Code Goed Bestuur staat dat een schoolbestuur verantwoordelijkheid heeft voor het best mogelijke onderwijs met adequate opbrengsten. Daar hoort bij dat medewerkers zich optimaal kunnen ontwikkelen en onder optimale omstandigheden bijdragen aan deze processen kunnen leveren. De beschikbare middelen moeten op een effectieve en verantwoorde wijze worden ingezet ter realisatie van deze opdracht. Goed werkgeverschap krijgt vorm in het personeelsbeleid en staat in dienst van de onderwijskwaliteit. Financieel management is hierbij een belangrijke voorwaarde. Het is de taak van het bestuur om de voortdurende ontwikkeling van de organisatie richting te geven.

In een organisatie speelt HRM op verschillende niveaus een rol. Binnen de visie van het schoolbestuur (wat willen we bereiken), de strategie (hoe gaan we dat bereiken), de structuur (hoe richten we onze organisatie in) en de organisatiecultuur (hoe gaan we met elkaar om). De schoolbestuurder geeft dit vorm in grote lijnen, vervolgens wordt deze visie concreet gemaakt en in samenspraak met schoolleiders toegepast binnen de organisatie. De inspanning van alle partijen in de organisatie, schoolbestuurder, schoolleider en leraren, is belangrijk om te komen tot een goede inrichting en uitvoering van HRM.

Hieronder vindt u een opsomming van diverse HRM thema’s met informatie om te benutten bij de inrichting van HRM. Ieder thema geeft korte uitleg over het betreffende onderwerp, een overzicht van actuele inzichten en verwijzingen naar andere bronnen voor verdieping. 

Onder ‘CAO-PO’ treft u dezelfde onderwerpen aan, alleen dan met de regelgeving vanuit de geldende cao. Voor een korte en bondige uitleg van de kernpunten uit de cao kunt u kijken naar een animatie over de CAO PO 2014-2015Bent u op zoek naar wet- en regelgeving op het gebied van werkgeverszaken? Kijk dan op de pagina ‘Arbeidsrecht actueel’.

Laatste nieuws

  • Het salaris voor een leraar in het primair onderwijs is tot 25% lager dan dat voor een leraar in het voortgezet onderwijs. Dat blijkt uit de brief die de bewindslieden van OCW op 26 juni naar de Tweede Kamer sturen. Ze leggen de verantwoordelijkheid voor het salaris voornamelijk bij de sociale partners, terwijl de ruimte voor werkgevers en werknemers wordt bepaald door de financiële kaders van de overheid. Leraren in het primair onderwijs voeren deze week actie tegen de lage beloning en de hoge werkdruk in de sector.

  • De PO-Raad heeft vandaag een formele aankondiging van de collectieve actie ontvangen van de onderwijsvakbonden AOb, CNV onderwijs, AVS, FvOv en FNV. De bonden roepen hun leden op tot een collectieve actie op dinsdag 27 juni a.s. om gedurende het eerste uur geen lesgevende taken te verrichten.

Praktijkvoorbeeld Samenwerkende Vrije scholen in Zuid Holland

Praktijkvoorbeeld project Junior Leraar in Amsterdam

Praktijkvoorbeeld basisschool Noorderbreedte in Veendam

Praktijkvoorbeeld Mytylschool Gabriël in ’s Hertogenbosch

Praktijkvoorbeeld Stichting openbaar Primair Onderwijs in Utrecht

Veelgestelde vragen

  • We hebben een opslagfactor voor- en nawerk vastgesteld (45 procent). Kunt u aangeven welke werkzaamheden/taken daar onder vallen?

    Wat onder de opslagfactor valt, dient op schoolniveau te worden vastgesteld. Per school wordt een invoeringsplan opgesteld, waarin in ieder geval zijn opgenomen: 1. Welke taken onder de opslagfactor vallen en 2. Het beleid op grond waarvan de individuele opslagfactor wordt toegekend (artikel 2.13, lid 2 CAO PO). Dit invoeringsplan heeft de instemming nodig van de PMR en van de meerderheid van het personeel (artikel 2.13, lid 4 CAO PO).

    Onder de opslagfactor vallen alleen taken die een relatie hebben met het werken in de klas en niet de taken die betrekking hebben op werkzaamheden voor de totale school. Onder de opslagfactor kunnen de volgende taken vallen (niet-limitatief):

    Voorbereiden · Nakijken · Gesprekken met kinderen · Gesprekken met ouders · Intern overleg in directe relatie tot de groep · Extern overleg in directe relatie tot de groep · Dag – en weekplanning maken · Rapporteren en vastleggen van resultaten, notities en andere relevante gegevens (o.a. Parnassys, KIJK, ZIEN, leerlingvolgsysteem invullen ) · Analyseren van leerlingenwerk/ toetsen en vastleggen van resultaten · Maken van een groepsoverzicht/groepsplan/ handelingsplan/ etc. · Voorbereiden en verzorgen van rapportavonden · Voorbereiden en verzorgen van informatieavonden van de groep · Overdracht van de leerlingen · Voorbereiden voor invaller · Vervaardigen van materiaal.

  • Ons schoolbestuur heeft in totaal honderdtwintig medewerkers in dienst, maar geen enkele school telt meer dan 25 medewerkers. Zijn wij verplicht om een risico-inventarisatie-en evaluatie-toets (RI&E-toets) uit te voeren?

    Allereerst is het belangrijk om te weten hoeveel werknemers exact in dienst zijn. Het gaat hierbij om het aantal arbeidsovereenkomsten, en niet om het aantal fte’s. Ook stagiaires worden hierbij meegeteld.

    Vervolgens kijken we naar het soort organisatie waarvan sprake is. Mogen de afzonderlijke scholen van één bestuur ieder zelf beslissingen nemen over investeringen en/of hebben de afzonderlijke scholen een eigen budget voor Arbo en eigen mogelijkheden om op arbeidsomstandigheden te sturen, dan wordt gekeken naar het aantal werknemers per vestiging.

    Worden beslissingen over investeringen en Arbo door het bestuur genomen, dan telt men het aantal werknemers van de totale organisatie. Onze inschatting is dat voor uw organisatie dit laatste scenario van toepassing is. In dat geval telt uw organisatie dus meer dan 25 werknemers en is een RI&E-toets verplicht.

  • Hoe pak ik professionalisering op ICT-gebied aan?

    Zoals elke professionalisering: geïntegreerd, met elkaar en als continu proces. Natuurlijk moet de schoolleiding of bestuurder ambities formuleren en creëren, maar de belangrijkste succesfactor is om vervolgens het team hierbij te betrekken. Dit doe je door de kwaliteit van de leraar centraal te stellen en een cultuur te creëren van samen leren om beter te worden. Het is hierbij cruciaal dat de schoolleiding dit proces dichtbij en blijvend ondersteunt.

    Leraren als sleutelfiguur

    Om professionalisering op een goede manier aan te pakken, moeten leraren zelf aan het roer staan. Bijvoorbeeld door samen lessen te ontwerpen, verbeterplannen te maken en bij elkaar in de klas te kijken. Zo kunnen ze door gezamenlijk te reflecteren van elkaar leren. Dat zijn de belangrijkste principes die naar voren kwamen uit het McKinsey-onderzoek 'How the world's most improved school systems keep getting better'. Als de leraar de sleutelfiguur is, kun je in vijf tot zeven jaar een hoog ontwikkelingsniveau bereiken. Spreek leraren aan op de activiteiten waarin ze goed zijn, dan is de kans op vooruitgang het grootst.

    Lees het volledige antwoord op de website van Kennisnet.

    Kennisnet en de PO-Raad verzamelden in gesprekken met po- en vo-scholen de meestgestelde vragen van bestuurders. Deze vraag is er een van. Samen werken Kennisnet en PO-Raad aan Slimmer leren met ICT. Zodat scholen ICT op hun eigen manier makkelijk kunnen inzetten voor onderwijs, leerlingen meer op maat kunnen leren en we zo het beste uit ieder kind kunnen halen. Deze serie is mede mogelijk gemaakt door het Doorbraakproject Onderwijs & ICT.