Nieuws

Meer ondersteuning voor leraren moet werkdruk verminderen

Om de werkdruk in het basisonderwijs te verminderen, zouden leraren meer administratieve ondersteuning moeten krijgen. Ook meer mogelijkheden voor ruimere inzet van ICT in de klas zouden een oplossing kunnen bieden. Dat stelt de PO-Raad in een brief aan de Kamercommissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, die op 9 maart met staatssecretaris Dekker (Onderwijs) debatteerde over werkdruk in het basisonderwijs en de Regeldrukagenda.

Onderzoek van De Monitor

Leraren in het basisonderwijs gaan gebukt onder een te hoge werkdruk. Meer dan de helft van hen vindt de druk onacceptabel. In 2012 was 41 procent hier ontevreden over, zo bleek eerder deze maand uit onderzoek van televisieprogramma De Monitor onder 861 leraren. Het risico op uitval is daarmee groot en de kwaliteit van het onderwijs kan in het geding komen, luidt de conclusie.

Volgens De Monitor zijn onder meer administratieve werkzaamheden, het bijwerken van dossiers en het afleggen van verantwoording debet aan de werkdruk. De PO-Raad herkent dit beeld en vindt het zorgelijk dat de sector zo wordt overvraagd. Ze vindt dat leraren juist zoveel mogelijk tijd moeten kunnen besteden aan hun leerlingen.

Meer ondersteuning voor professionals

Door de kleinschaligheid van het primair onderwijs en de geringe overhead, doen leraren zelf het administratief werk. Dit kost tijd en gaat ten koste van het primaire proces: het lesgeven. Per honderd leraren, zijn er gemiddeld drie ondersteuners. Ter vergelijking: in het mbo zij dat er veertien. In de brief aan de Kamercommissie vraagt de PO-Raad daarom om meer ondersteuning voor de professionals in het primair onderwijs.

Naast ondersteuning op personeel vlak, zouden ook mogelijkheden voor ruimer gebruik van ICT in het primaire proces ondersteuning bieden. Met digitaal lesmateriaal heeft een leraar sneller inzicht in de leerprestaties van leerlingen en worden de opbrengsten ook geautomatiseerd in het leerlingvolgsysteem ingevoerd. Dit scheelt nakijkwerk en handmatig inkloppen. De investeringen die hiervoor nodig zijn, kunnen echter niet uit de huidige budgetten worden bekostigd. Scholen kunnen hierdoor noodgedwongen slechts hele kleine stapjes zetten. Daarom vraagt de PO-Raad de Kamer toe te zien op het mogelijk maken van een brede invoering van ICT in de klas.

Tot slot vraagt de PO-Raad de aandacht van de Kamer voor de implementatietijd en inspanning die nieuwe ontwikkelingen en nieuwe regelgeving vergen. Ook al hebben deze voor het Rijk soms geen financiële consequenties, dit geldt niet voor de praktijk.  

Blog Simone Walvisch

Lees ook de blog die Simone Walvisch, vicevoorzitter van de PO-Raad, schreef over regeldruk in het primair onderwijs.

Uitkomsten debat

In het debat over werkdruk herhaalde staatssecretaris Dekker zijn boodschap die hij in de uitzending van De Monitor verkondigde. Scholen zouden er volgens hem nu te vaak van uitgaan dat er van alles moet van de Inspectie van het Onderwijs of het ministerie, terwijl dit niet altijd het geval is. Hij roept scholen daarom op kritisch te zijn in wat ze doen en alleen zaken vast te leggen waar het onderwijs echt beter van wordt.

Daarnaast gaf de staatssecretaris aan het gebruik van ICT te zien als een oplossing voor het reduceren van werkdruk. Extra investeringen hiervoor zijn nu echter niet aan de orde volgens Dekker. Wel zegde hij, op verzoek van de PvdA, toe om de mogelijkheden te onderzoeken voor het creëren van een online omgeving waarop scholen van elkaar kunnen leren als het gaat om inzet van ICT in de klas.

Op verzoek van de PvdA en het CDA zegde Dekker in het debat tot slot ook toe om in de zomer de voorlopige tussenstand van de pilot regelluwe scholen te evalueren en dit met de Kamer te delen. Beide partijen zouden de pilot graag verruimd zien worden, zodat meerdere scholen kunnen experimenteren met minder regels.