Goed Bestuur

Twee kinderen die aandachtig zitten te luisteren

Goed onderwijs vraagt om goede onderwijsorganisaties waar leraren, schoolleiders en bestuurders met elkaar samenwerken. Schoolbesturen creëren de ruimte en voorwaarden die de mensen in de school nodig hebben om hun werk te kunnen doen. Ze waarborgen de ontwikkeling van de hele organisatie en zorgen ervoor dat intern iedereen hierbij betrokken is: bestuurlijke staf, schoolleider en leraar, maar ook intern toezicht en de medezeggenschapsraad.

De Code Goed bestuur beschrijft wat de leden van de PO-Raad verstaan onder goed bestuur. De monitorcommissie Goed bestuur toetst of de Code Goed Bestuur goed wordt toegepast en goed aansluit bij de praktijk. Zo nodig doet de commissie aanbevelingen om de Code te wijzigen.

Wat doet de PO-Raad?

Het thema Goed bestuur hangt samen met de lijn ‘Besturen is een vak’ van de Strategische Agenda van de PO-Raad. In de Strategische Agenda van de PO-Raad is afgesproken dat besturen werken aan verdere professionalisering, onder andere met behulp van bestuurlijke visitaties. Daarbij worden zij ondersteund en gefaciliteerd door de PO-Raad.

Daarnaast vindt de PO-Raad het van belang dat schoolbesturen van de politiek de ruimte krijgen om aan te tonen dat ze hun zaken goed op orde hebben. Schoolbesturen geven het goede voorbeeld  wanneer zij op een proactieve manier verantwoording afleggen, zoals is vastgelegd in de Code Goed Bestuur. Daarmee kunnen ze bewijzen dat de overheid ook daadwerkelijk verder op afstand gezet kán worden omdat ze die verantwoordelijkheid voor goed onderwijs kunnen dragen. Programma Vensters van de PO-Raad helpt scholen om transparant te zijn en verantwoording af te leggen over hun onderwijs.

Meer weten?

Wilt u meer weten over het thema Goed bestuur? Neem dan contact op met de helpdesk of met beleidsadviseur Marianne van Teunenbroek.

Laatste nieuws

Standpunten

  • Schoolbesturen verantwoorden zich proactief

    Schoolbesturen geven zelf het goede voorbeeld, verantwoorden zich proactief en spreken andere besturen aan wanneer dit nodig is.

  • Horizontale verantwoording

    Ieder schoolbestuur betrekt zijn intern toezicht, schoolteams en ouders actief bij de organisatie en het beleid in en om de scholen.

  • Professionaliseringsagenda voor schoolbesturen

    Schoolbesturen hebben niet alleen oog voor de professionalisering van hun medewerkers, maar ontwikkelen zich ook zelf en hebben een professionaliseringsagenda.

Agenda

Komende evenementen

Meer agenda-items

Toolbox Goed bestuur

Deze toolbox bevat hulpmiddelen bij het verder professionaliseren van uw schoolbestuur.

Achtergrond afbeelding toolbox bestaande uit radarwielen

Code Goed Bestuur

In de Code Goed Bestuur hebben leden van de PO-Raad vastgelegd wat zij verstaan onder goed bestuur. 

Publicaties over Goed bestuur

Hier vindt u brochures en handreikingen over Goed bestuur.

Bestuurlijke visitatie

Hoe staan we ervoor als schoolbestuur en hoe kunnen we het nog beter doen? Die vragen staan centraal bij het bestuurlijk visitatietraject.

Veelgestelde vragen

  • Wat is de positie van de ouderraad met betrekking tot beleidszaken?

    Wettelijk is de oudergeleding van de medezeggenschapsraad (MR) de gesprekpartner van het bevoegd gezag ten aanzien van beleidszaken. De positie en de taken van een ouderraad (OR) zijn niet wettelijk vastgesteld: er is geen wettelijke verplichting om een OR in te stellen.

    Daarmee is er een grote vrijheid voor een bevoegd gezag om de taken, organisatie en werkwijze in te vullen op een manier die past bij de ouders en de school. Dat kan aan de hand van een reglement en/of statuut van de OR, maar er bestaat daartoe geen verplichting. De invulling van de taken is afhankelijk van de afspraken die er met de school en de medezeggenschapsraad (MR) zijn gemaakt. De MR heeft instemmingsrecht ten aanzien van de vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot het verrichten van ondersteunende werkzaamheden door ouders ten behoeve van de school en het onderwijs (artikel 10 sub d WMS). De ouderraad heeft daarin geen formele rol.

    Ouders in de OR houden zich meestal bezig met het organiseren van activiteiten, maar kunnen indien dit vastgelegd is, ook adviseren over (beleids)zaken die vooral voor ouders en leerlingen belangrijk zijn. Zodoende verschilt de OR nadrukkelijk van de MR, wiens taken en bevoegdheden expliciet zijn vastgelegd in de Wet medezeggenschap op scholen. De MR deelt zodoende op een aantal terreinen de zeggenschap met het schoolbestuur en geldt ten aanzien van deze onderwerpen als de formele gesprekspartner van het bestuur.

    De OR heeft in beginsel alleen een praktisch-ondersteunende rol. Het schoolbestuur bepaalt welke taken en werkzaamheden aan de OR worden toebedeeld. Eventueel kan de OR fungeren als sparringpartner van de oudergeleding van de MR, maar daarmee wordt de OR geen onderdeel van de MR. Zie ook de uitspraak van de Landelijke Klachtencommissie Islamitisch Onderwijs:  109061 anoniem advies (onderwijsgeschillen.nl)

  • Wanneer worden de eerste resultaten van de Benchmark PO&VO verwacht?

    De eerste Benchmark PO&VO wordt op 1 februari 2021 publiek gemaakt en maakt vergelijkingen van schoolbesturen mogelijk op de thema’s Financien, Bedrijfsvoering en Medewerkers. Dit jaar wordt de benchmark verder ontwikkeld met onder meer het toevoegen van de thema’s Onderwijskwaliteit en Overhead. Een ander belangrijk onderdeel van het benchmarkprogramma is de sectorrapportage primair onderwijs. Hiermee vertelt de sector het eigen verhaal binnen de actuele context, op basis van betrouwbare data, zoals uit de Benchmark PO&VO. De eerste publicatie staat gepland kort na de Tweede Kamerverkiezingen op 17 maart 2021.

  • Is het mogelijk om tot vergelijkbare informatie te komen?

    Het kost tijd om als sector tot eenduidige definities te komen voor begrippen als bijvoorbeeld ‘overhead’ of ‘ziekteverzuim’. We kiezen bij de ontwikkeling van de benchmark dan ook voor een groeimodel. De benchmark is geen wondermiddel. Het is een instrument waarmee je je organisatie kunt vergelijken en waarmee je als bestuur of sector iets kunt vertellen over jezelf. De cijfers spreken dus nooit voor zichzelf, maar krijgen waarde in een verhaal en zijn aanleiding voor een gesprek met collega’s en andere stakeholders.

    Het MBO kent al een benchmark, daar zien we dat ‘benchlearning’ veel kan opleveren (bestuurders uit het MBO aan het woord over benchmaking en benchlearning) Als organisaties sturen op een aantal indicatoren die zij belangrijk vinden, krijgen die intern, bijvoorbeeld bij de medezeggenschap, ook  meer aandacht. Gesprekken met andere besturen naar aanleiding van de benchmark geven ook een enorme impuls. Daarnaast kan de benchmark een rol gaan spelen bij collegiale bestuurlijke visitaties. Een benchmark kan complementair werken aan deze visitatie, en een visitatie kan een goede start zijn voor het organiseren van benchlearning.