Sinds 1 augustus 2017 is het nieuwe onderzoekskader van de Inspectie van het Onderwijs van kracht. De inspectie begint haar kwaliteitsonderzoek vanuit het bestuurlijke perspectief. Een bestuur wordt sindsdien ook beoordeeld op de manier waarop zij haar kwaliteitszorg inricht (KA1), op zijn kwaliteitscultuur (KA2) en de manier waarop verantwoording en dialoog plaatsvindt (KA3). Vervolgens wordt er doormiddel van een verificatieonderzoek op de scholen gekeken of de bevindingen op bestuurlijk niveau kloppen.

De verschillende standaarden (op bestuursniveau) kunnen als ‘onvoldoende’ worden beoordeeld. Weliswaar geeft de inspectie in de eerste vier jaar van het nieuwe toezicht geen totaalbeoordeling, dit gebeurt wel vanaf 2021. Dan hebben alle besturen een eerste beoordeling gehad.

Analyse en ondersteuning

Omdat nu ook schoolbesturen een ‘onvoldoende’ kunnen krijgen voor een of meerdere standaarden, biedt de PO-Raad vanuit het programma Goed worden en goed blijven ondersteuning aan. Deze ondersteuning bestaat uit een nadere analyse op de geconstateerde tekorten en/of door ondersteuning bij het adequaat uitvoeren van de herstelopdracht.

Meer weten?

Interesse? Voor meer informatie kunt u contact opnemen met projectleider Goed worden goed blijven Anneke van der Linde. Dat kan via het contactformulier of telefonisch via 06-51195171.